dinsdag 22 december 2020

Taal die niet bestaat

Door Marten van der Meulen

Ik lees graag The Guardian. Ik voel me daardoor een beetje een snob, maar ik vind het nou eenmaal een goede krant. De literatuurrecensies gaan over boeken die mij interesseren, en zelfs een artikel over het succes van Maradona wordt gelinkt aan de migratiegeschiedenis van Argentinië. Maar gaat het over taal, dan blijkt The Guardian net zulke beperkte schrijvers te hebben als sommige Nederlandse kranten. Zo wees iemand me onlangs op dit artikel, dat in de zomer verscheen. Het stelt de vraag of irregardless een echt woord is. Die vraag, wat als taal echt is, wat wel of niet bestaat, is volgens mij ontzettend problematisch.

maandag 19 oktober 2020

Variatietolerantie

Door Sterre Leufkens

Radio 1: het is ons aller nieuwsbron, dé plek om live voetbal te luisteren als je per ongeluk in de auto zit tijdens een belangrijke wedstrijd, en de thuishaven van het enige echte en geweldige taalradioprogramma De Taalstaat. Toch is het niet allemaal koek en ei wat de taalklok daar slaat - de ophef du jour gaat over een redactie, die het in hun hoofd haalde om een onderzoeker tóch niet live aan het woord te laten omdat hij een accent heeft. Hartstikke zonde, want nu konden de luisteraars niet uit de eerste hand horen over Dawids boeiende onderzoek naar economische sancties. Minstens zo zorgelijk is dat deze redactionele miskleun past in een algemeen gebrek aan variatietolerantie. 

vrijdag 9 oktober 2020

Schema voor het kiezen van een genderneutraal persoonlijk voornaamwoord

In Trouw van 8 oktober stond een stuk over een ingewikkelde kwestie: het kiezen van een genderneutraal persoonlijk voornaamwoord/aanspreekvorm. Het is een prettig weloverwogen stuk, waarbij zowaar verschillende taalkundigen met kennis van zaken aan het woord komen. Enige nadeel is dat er wel veel opties (terecht) worden afgeschoten, maar dat er uiteindelijk weinig overblijft - dat stemt moedeloos, en 2020 ís al zo zwaar. Ook gaat het wat heen en weer tussen de opties, met onoverzichtelijkheid tot gevolg. Jammer, want wat moeten we nou doe-hoen?! Daarom namens Milfje een handig stroomschema, mét opties voor het Nederlands. 

donderdag 27 augustus 2020

Krijg de corona en de oorsprong van ziektevloeken

door Marten van der Meulen

Een tijd geleden vroeg Laura Obdeijn van het Parool of ik eigenlijk dacht dat mensen met corona scholden. Nou, dat dacht ik wel: ik had al weleens gezocht op Twitter (poel van menselijke drek maar schat voor taalkundigen), en daar kom je het regelmatig tegen, in de bekende 'Krijg de X':

De setting (uitroeptekens, andere scheldwoorden) doet vermoeden dat deze mensen het menen. Nu is het op zich redelijk interessant dat we een nieuwe ziekte krijgen in deze constructie, vooral als deze beklijft. Dat is namelijk niet zo gebruikelijk: 'Krijg de aids' vind je wel als je zoekt maar komt nauwelijks voor; 'krijg de sars' wordt ook al jaren niet meer gebruikt. Maar wat misschien nog wel interessanter is: misschien zegt het gebruik van 'corona' wel iets over hoe ziektevloeken zijn ontstaan.

vrijdag 7 augustus 2020

De sprookjesachtigheid van het getal vierendertig

door Marten van der Meulen

In het verhaal Regen van J.M.A. Biesheuvel (wiens werk ik tot vorige week helaas nauwelijks kende) kwam ik de volgende zin tegen:
"Terwijl ik van het schip gedragen word komen vierendertig kleine jongetjes links en recht van het pad op de kade staan"
Nu heeft het hele verhaal een zekere magisch-realistische sfeer, maar specifiek deze zin deed me erg sprookjesachtig aan. Waar lag dat aan? Na enig denken besloot ik dat het aan dat getal lag: vierendertig kleine jongetjes. Maar waarom zou dat getal zo'n effect hebben?

woensdag 1 juli 2020

Historisch besef en de verengelsing

door Marten van der Meulen

De term historisch besef zingt luid rond dezer dagen, rond racisme, Zwarte Piet, de historische canon, standbeelden en straatnamen. Toch speelt dit concept nog veel breder. In z'n simpelste vorm, 'weten hoe het vroeger was', is het van groot belang wanneer we bijvoorbeeld proberen te praten over de vermeende verengelsing en verloedering van het Nederlands. In dat kader is het filmpje, dat Vlaanderens Taalpaus Ruud Hendrickx twee weken geleden deelde in de Facebookgroep VRT Taal, een schitterend voorbeeld. Het is de moeite van het bekijken waard, al is het maar omdat er een nogal belangrijke les in zit voor iedereen die zich zorgen maakt over de plotselinge teloorgang van het hedendaagse Nederlands.

woensdag 10 juni 2020

Wil je een bier of een koffietje?

door Marten van der Meulen

Ach, verkleinwoorden. Zo typisch Nederlands, en toch zo alom gehaat. Misschien is dat die zogenaamde oikofobie waar je tegenwoordig weleens over hoort blaten? De weerzin tegen verkleinwoorden is in ieder geval volstrekt onterecht: ze zijn namelijk ontzettend interessant (zie ook diminutiefinflatie). Neem nou de categorie eten & drinken. Het gedrag van woorden als 'bier' en 'koffie' is heel anders. Gek, maar leuk.

vrijdag 22 mei 2020

Emeritus als autoriteitsargument

door Marten van der Meulen

Eerder deze week ging op Twitter een lijstje rond met mensen die een bepaalde aanpak tegen Covid-19 steunen. Ik zal me daar, een wespennest vermijdend, verder inhoudelijk maar niet teveel mee bezighouden. Wel kan ik niet laten te vermelden dat de Franse viroloog Raoult (bekend van de chloroquinebehandeling) wetenschappelijk nogal betwistbaar werk lijkt af te leveren (zie hier en hier). Maar dat terzijde. Wat mij taalkundig interesseert is het gebruik van het woord 'emeritus' op dat lijstje, dat als titel 'Medici' heeft (daar valt ook nogal over te twisten, maar enfin). We komen op dat lijstje de volgende voorbeelden tegen:

huisarts emeritus 
psychiater emeritus
natuurgeneeskundig arts emeritus
radioloog emeritus
arts emeritus
oefentherapeut Cesartherapie emeritus

Het is een verrassend lijstje, want voor zover ik wist werd emeritus alleen gebruik bij hoogleraren en professoren. Toen ik zulks op Twitter deelde, werd me al snel duidelijk dat de titel ook in religieuze kringen wel wordt gebezigd (ik verkeer daar weinig ten gevolge van mijn opgroeien in Gomorra achter de Duinen). Maar bovenstaande voorbeelden lijken nergens te worden genoemd.

vrijdag 17 april 2020

Twee woorden, negen letters - Het Spel

Gisteren deelden we een stukje over Het Grote Nieuwe Nieuwe Taalschisma: twee woorden, negen letters. Is het nou 'bier halen', of toch 'duurt lang'? Op onze Facebooksite kwam onderstaande reactie:


Hugo sluit aan bij een rijke traditie van Vertellers van het Zeer Korte Verhaal. Het bekendst in deze categorie is waarschijnlijk het intens tragische 'For sale, baby shoes, never worn', dat vaak aan Hemingway wordt toegeschreven (hoewel hij het waarschijnlijk niet bedacht). In de tijd van Twitter worden er natuurlijk ook verhalen geschreven, bijvoorbeeld op het geweldige account @kortschrijvers.

"Maar waarom maken we van dit schisma niet óók een spel?" overpeinsden we uitbundig.  Daarom bij dezen: Twee woorden, negen letters - het spel (H. B. gewidmet).

Het idee is simpel: vertel een kort verhaal, dat telkens bestaat uit zinnen van twee woorden met (bij elkaar opgeteld) negen letters. Spaties tellen niet mee, dus je mag 1+8, 2+7, 3+6, 4+5, of een omdraaiing van die getallen gebruiken. Bijvoorbeeld:
O smeerlap. (1+8) De groeten! (2+7) Kom spelen. (3+6) Geel vocht. (4+5) Penis hier. (5+4) Vreemd sop. (6+3) Ontbeer me! (7+2) Hengstte u? (8+1)
Een woord van negen letters mag niet, want het gaat immers om twee woorden. De zuiverste vorm is 4+5 of 5+4 (want bier halen/duurt lang), en laten we afspreken dat het leesteken aan het eind ook niet meetelt. Of de ij 1 of 2 letters is mag je lekker zelf weten.

Vervolgens is de sport om hier een verhaal uit op te bouwen. Een minimum of maximum aantal zinnen wordt niet gegeven door de uitdrukking, maar laten we afspreken dat het in één tweet moet passen. Dat betekent dat je maximaal 23 zinnetjes mag gebruiken (want een tweet = 280 tekens, en de zin is eigenlijk twaalf tekens (want negen letters + spatie + leesteken + spatie voor de volgende zin). Maar korter mag natuurlijk ook.

Lijkt me duidelijk toch? Leuk ook voor de vrijdag, zo een spelletje. Hier, wij doen vast een voorzet.

Ha Roderik!
Dag Miepje.
Alles goed?
Gaat matig. Poes kwijt.
Ah treurig. En Vålériè?
Bier halen.
Oké lekker. Seksen dan?
Heel graag! Maar taboe...

Aha, jammer. Op afstand? Per mobiel?
Hitsig zeg! Prima hoor!

En zo zien jullie, quarantainekinderen, dat je Tinder helemaal niet nodig hebt om in 153 tekens een lustvolle romance te laten ontluiken. En nu jullie!

donderdag 16 april 2020

Twee woorden, negen letters: één taalgemeenschap, twee antwoorden

Door Sterre Leufkens

Wie net als ik veel quarantainetijd op sociale media doorbrengt heeft 'm vast langs zien komen: de burgerlijkheidstest. Hilariteit alom, om deurmatten en een kaasschaaf als taartschep, maar de vraag die in mijn tijdlijn de meeste reacties opriep was deze:
Twee woorden, negen letters: ...???
Wat is daarop úw antwoord, lezer? De antwoorden die ik kreeg op mijn twitter-poll laten iets superinteressants zien: dat we in de hypergeglobaliseerde, voortdurend verbonden, sociaal kleffe anderhalvecentimetersamenleving van een paar weken geleden minder vernetwerkt zijn dan we misschien wel dachten.

maandag 6 april 2020

Is vaagtaal altijd Engels?

door Marten van der Meulen

Twitterlegende Mark Traa (o.a. bekend van de schitterende oude liefdesadvertenties) deelde een tijdje geleden een deel van een advertentie op Twitter:

Veel mensen zullen deze advertentie als een gedrocht ervaren (ik ben daar zeker één van): wat staat hier in hemelsnaam? Vaagtaal in optima forma. Natuurlijk kwam ook snel de reactie die je wist dat ging komen:
Inmiddels schreef zelfs Japke-d. Bouma erover. De relatie tussen vaagtaal in het bedrijfsleven en Engels wordt vaak gelegd. Maar is die terecht? Deze advertentie biedt een inkijkje. Geen antwoord, wel een voorbeeld.

woensdag 1 april 2020

Bestaat er onnodige taal?

Door Sterre Leufkens

De uitspraak die ik misschien wel het allermeest hoor in de discussie over verengelsing (en dat wil wat zeggen, want meine Güte wat wordt daar veel over gezegd en geschreven), is deze:

"Ik heb niks tegen Engelse woorden, maar wel als het onnódige woorden zijn. We hebben daar al een prima Nederlands woord voor!"

Deze uitspraak uit diverse monden in andere woorden vind je o.a. hier en hier en hier en hier. Mijn spreekbeurt gaat vandaag over dat woord 'onnodig'. Wanneer is een leenwoord nodig, en wanneer kun je net zo goed een eigen-taal-woord maken of gebruiken? En wanneer zijn taalonderdelen eigenlijk überhaupt onnodig? 

donderdag 19 maart 2020

Taalconstructies in tijden van corona

door Marten van der Meulen

Alles wordt beïnvloed door het coronavirus: ook taal. We hebben een aantal nieuwe woorden, de communicatie over het virus is interessant, en eerder deze week zag ik bijvoorbeeld het blog dat ik wist dat ging komen, over het gebruik van metaforen rondom corona-berichtgeving. Wat mij op mijn beurt dan weer opviel was de titel van dat blog: Metaphors in the time of coronavirus. De constructie die in die titel wordt gebruikt hebben we in het Nederlands ook, in een variant: X in tijden van Y. Voor mij is deze constructie vooral bekend door de titel van Gabriel Garcia Marquez' boek Liefde in tijden van cholera (1985). Misschien vanwege de ziekte in die titel viert deze constructie de laatste weken hoogtij, in deze tijden van corona.