Translate Milfy!

dinsdag 23 april 2019

Hoe noem jij knikkers?

Door Sterre Leufkens

Koning keizer admiraal: knikkeren doen we allemaal. Maar de namen voor knikkers, die blijken nogal te verschillen, zo blijkt uit de reacties op een tweet van Nynke Sietsma. Dat heb je algauw met dit soort kinderspelletjes: veel regionale variatie, veel eigen varianten, net als met het fenomeen kontjeblauw bijvoorbeeld. Milfje geeft een overzicht van de reacties, geeft een pietsie analyse, en wil natuurlijk weten: wat hebben jullie hieraan toe te voegen? 



Knikkertaxonomie

Knikkers heb je in vele soorten en maten. Laten we eens met die soorten beginnen, want dat verhaal is nog enigszins overzichtelijk. In de reacties troffen wij aan:

- Wit met gekleurde stukjes: yoghurtjes, yoghurtbonken, Chinese beuken, porceleintjes, Engelsen
- Oliepatroon: oliebonken, oliestuiters
- Van transparant glas met zo'n kattenoog erin: kattenogen, siepels
- Transparant glas met stipjes: spikkels

Allemaal lekker transparant, what you see is what you get. Zelfs Chinese beuken en Engelsen zijn wel te begrijpen: porceleinen dingen komen uit China, en Engelsen zijn zo wit als die knikkers.

Maar dan nu deel twee van de taxonomie: de maten. Hier ontspoort alles volledig de pan uit. Bij dit plaatje staat nog wel een overzichtelijk rijtje, maar er staat ook bij dat de benamingen per streek en zelfs per school verschillen. Waarvan akte:

Klein
[soort]'tjes, bijv. yoghurtjes, olietjes
eentellers

Normaal
knikkers

Groot
bakkers
bonken                     
bosterds/bosters/basterds/bolsters
bakbosters
bakkerds/bakkerts
berebere's
billies
bolleketsen
bakkets
bikkels/bakkels
beuken
boembakkers
bommels
bammen
bonkies
bollo's
boenzels

doddels
dorrels
dokkers

kokkers
knotsen
kalebassen
knoeperds
knoerten

reuzen
reuze-reuze
roemers

superreuzen
stuiters
stierenkloten
stuiters                    

tollen
lodders

opa's
vijfjes
dubbele Duitsers
grote Chinezen
dikke [soort], bijv. dikke olie's
pikdoadels
proemen
spoedniks
looie detten

Nog groter
superreuze-reuzes
superstuiters
superdokkers
dubbeldekkers
grote beuken
dubbeldikke [soort], bijv. dubbeldikke olie's
dikkedikke
koning

Enorme knoeperd
jumbo's
keizer

Allergrootst
superjumbo's

Het is in dit hele Twitter-draadje vaak nogal onduidelijk welke grootte er precies bedoeld wordt, dus ik heb er maar een soort rangorde van gemaakt. Dat brengt me meteen op een interessant punt: een grotere knikker krijgt vaak niet een eigen naam, maar een voorvoegsel (reuze-bonk, dikke olie) dat soms zelf ook weer een naam wordt (reuze-reuze, dikke-dikke) waar vervolgens een voorvoegsel voor kan (super-reuze-reuze, dubbeldikke olie). 

Wat verder opvalt is de klankvorm: het overgrote merendeel van de knikkernamen begint met een plosief (k, b, d), en er zijn er verdacht veel die eindigen op -el of -er. Nu gaan veel van die namen natuurlijk terug op hetzelfde woord, alleen zijn het er dan een soort regionale versies van. Dat verklaart een hoop van de overeenkomsten. Maar toch. 

Onder de namen die niet aan het standaardklankpatroon voldoen, vinden we weer nationaliteiten (dikke Duitsers vanwege de fijne alliteratie? Chinezen zijn vast weer de porceleinen variant) en verder wat heel gekke dingen, zoals spoedniks (misschien ook meer een soortnaam?), looie detten (eh?), en pikdoadels (juist). 

Goed mensen, mind is blown, ik wist dat er veel namen voor knikkers waren maar deze tsunami zag ik niet aankomen. En misschien is dit wel niet eens het einde! Vullen jullie de taxonomie hieronder lekker verder aan?


4 opmerkingen:

  1. Knikkers. Iets grotere knikkers presto's. (Want je kreeg ze bij Presto afwasmiddel?) De witte variant Chinese presto. Nog groter: bommen. En af en toe zag je een nog grotere: knotsen.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Mijn moeder (geboren bij Zwolle, lang in Zeeland gewoond) had het altijd over murpels.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Die met een oliepatroon noemden we vroeger oliesjeikies! (dat was in Noord-Holland, op de grens met Zuid-Holland).

    BeantwoordenVerwijderen