Translate Milfy!

vrijdag 24 januari 2014

10^Taal met...Joke Schuit

Taal: wie is er niet mee bezig? Blogs, twitters, tijdschriften, polemieken, ingezonden brieven, boeken. Er zijn heul veul mensen met evenveul meningen. Toch zijn er ook mensen die zich meer met taal bezig houden dan anderen. Daarom vraagt Milfje Meulskens hun mening over taal. Vandaag lezen over een werkelijk kersverse doctor die NU (vrijdag 10.00 begon het) haar proefschrift aan het verdedigen is: Joke Schuit. Ze deed onderzoek naar de gebarentaal van dove Inuit, waarvoor ze een paar keer de fantastische kans kreeg om naar het noordpoolgebied te reizen. Op het moment geeft ze bijles Nederlands aan mbo-leerlingen, en Nederlands als Tweede Taal aan immigranten.


1. Wat betekent taal voor jou?

Ik ben me er de laatste jaren steeds meer van bewust geworden dat ik eigenlijk niet meer goed weet wat taal nu eigenlijk is. Vallen alle acties die mensen in communicatie gebruiken ook onder taal? Dit vind ik een interessant punt. Als je alleen naar gesproken of geschreven taal kijkt bijvoorbeeld, dan mis je heel veel informatie. Eigenlijk zou taalonderzoek altijd met videomateriaal moeten werken. Dan zie je hoe mensen hun handen, hun gezicht, hun hele lichaam gebruiken in communicatie. Dan heeft ineens 'dit vind ik een mooie tekening' op schrift een betekenis: de persoon wees naar een tekening. Of haalde een wenkbrauw erbij op, en vond het dus eigenlijk helemaal niet zo mooi.

2. Wat vind je van spellingsregels?


Heel willekeurig. Ik probeer nu regelmatig aan mbo-leerlingen uit te leggen waarom fotografen in het meervoud met een 'f' geschreven wordt, maar graven niet. Er zit een idee achter: omdat fotograaf uit het Grieks komt. Maar hoe weet je dan dat graaf niet uit het Grieks komt? vraagt zo'n leerling dan. Goeie vraag. En waarom schrijven we dvd-hoes niet met hoofdletters, maar ID-kaart wel?

3. Erger je je aan het taalgebruik van mensen?

Nee. Soms dringt het wel tot me door als iemand een 'grammaticale' fout maakt, maar variatie houdt een taal levend, en vooral interessant.

 4.Waarom denk je dat mensen zich ergeren aan taalgebruik?

Ik denk dat ze zich dan beter voelen dan de ander, omdat zij wel de regels kennen. Maar diezelfde mensen rijden dan bijvoorbeeld weer wel veel te hard. Als je je aan de ene regels wilt houden, moet je je aan alle regels houden, vind ik.

5. Je hebt onderzoek gedaan naar de gebarentaal van de Inuit. Wat zijn de grootste verschillen tussen die gebarentaal en de Nederlandse gebarentaal, NGT?

Inuit Gebarentaal maakt gebruik van de daadwerkelijke ruimte om werkwoorden te vervoegen. Werkwoordvervoeging in gebarentalen gebeurt ruimtelijk: een werkwoord beweegt van de locatie die geassocieerd wordt met het ene argument, naar de locatie die geassocieerd wordt met het andere argument. In Inuit Gebarentaal kan een werkwoord ook bewegen in de richting van daadwerkelijke punten: het ziekenhuis om de hoek, iemands eigen huis, de supermarkt, of zelfs met plaatsen 250 km verderop. De mensen zullen het werkwoord meestal in die richting bewegen (of van die richting af), en niet een denkbeeldig punt in de gebarenruimte hiervoor gebruiken zoals in NGT gebruikelijk is.

Bovendien lijkt Inuit Gebarentaal een unieke meervoudsstrategie te gebruiken door een eenhandig gebaar tweehandig te maken voor het meervoud. Helaas is er voor weinig gebarentalen onderzoek gedaan meervoudsstrategiën, dus het is nog iets te voorbarig om te zeggen dat dit in andere gebarentalen niet voorkomt.

6. Wat is je lievelingswoord? (In het Nederlands, in het NGT, of in een andere taal – wat je wilt.)

Studderen. Dat komt uit het West-Friese dialect, en betekent zoveel als rommelen in huis, lekker bezig zijn met onbelangrijke dingen. Er is geen mooi Nederlands woord voor, maar het is zo heerlijk om op een vrije ochtend wat in huis te studderen.

7.Heb je een taalwens, en zo ja, wat is het?

NGT is niet erkend als officiële taal in Nederland. Het wordt wel eens tijd dat dat nu gaat gebeuren, na al die jaren onderzoek en na ruim 15 jaar een leerstoel Nederlandse Gebarentaal aan de UvA.

8. Wier of wiens taalgebruik vind jij inspirerend?

Het taalgebruik van de cursisten die ik Nederlands als Tweede Taal onderwijs. Ik raak hierdoor erg geïnspireerd om na te denken over mijn moedertaal, aangezien zij vragen stellen waar ik nog nooit over had nagedacht. Bijvoorbeeld: wat is nu eigenlijk 'namelijk'? Het komt te pas en te onpas voor in zinnen, maar wat betekent het? Of 'laten'? Dat laatste heb ik echt moeten opzoeken in het NT2 woordenboek, en daaruit leerde ik dat er (in elk geval) vier verschillende betekenissen/gebruiken van 'laten' zijn. Het was mij nog nooit opgevallen dat 'ik kon het niet laten even te kijken' en 'laat die tas maar hier' iets heel anders betekenen, maar wel hetzelfde woord zijn. Homofonen, ik leer er ineens zoveel!

9. Welke taal zou je nog wel eens willen leren en waarom?

Het Inuktitut. Als ik dat zou kennen, dan zou ik een betere vergelijking kunnen maken met de gesproken taal van de Inuit, en hun gebarentaal. Nu moest ik mij baseren op informatie die tweetalige informanten mij gaven, en dat wat niet altijd handig. Ik ben ervan overtuigd dat er meer invloeden van de gesproken taal te vinden zijn in de gebarentaal (en wellicht heel interessante en/of nieuwe), maar dat ik dat niet zag omdat ik geen Inuktitut ken.

10. Ken je nog een leuke woordgrap, taalgrap of taalspelletje?

Ik heb ooit eens een boekje gehad met allerlei taalspelletjes, maar ik herinner me er helemaal geen enkele van! Wat me wel altijd is bijgebleven is de tekst 'voer eendjes, geen oorlog'. Misschien omdat ik eendjes ook heel leuk vind.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen