Translate Milfy!

donderdag 6 februari 2014

Hebben online woordenboeken de toekomst?

Woordenboeken zijn interessant en problematisch: ze zijn dik, hun inhoud is voor een groot deel arbitrair, ze lopen altijd achter, en ga zo maar door. Ik vind ze persoonlijk behoorlijk fijn om vast te houden en om aan te ruiken, maar als het gaat om praktisch gebruik, grijp ik toch vaak naar het interwebz, alwaar een aantal degelijke online woordenboeken te vinden zijn. Hebben die online woordenboeken de toekomst? Milfje bespreekt verschillende voorbeelden en hun -delen.



Een toppertje is de Urban Dictionary. Urban Dictionary is al in 1999 opgericht en heel bekend - zelfs De Volkskrant (zelden haantje-de-voorste met taalnieuws) schreef er pas geleden een stuk over. Daarin wordt ook meteen het sterkste punt van Urban Dictionary genoemd: het is gigantisch. Welk slangwoord je ook zoekt, het staat er geheid in. Dat komt mede doordat er achter het woordenboek geen redactie zit, met richtlijnen en vergaderingen, maar een enthousiaste troep gebruikers die voortdurend zijn eigen woorden en definities toevoegt. Het is open source. Een woord als 'selfie', dat woord van het jaar 2013 werd in boerengat Nederland, stond er bijvoorbeeld al jaaaaren in.

Zoals altijd heb elk voordeel z'n nadeel - die enthousiaste kliek toevoegers voegt namelijk ook een hoop onzin toe. Er staan woorden in die misschien in de urban clan van San Francisco in 2003 heel gebruikelijk waren, maar nu echt niet relevant zijn. Of zoek eens je naam op! Heel grappig, maar dit is natuurlijk niet de bedoeling van een woordenboek. Het gevaar van lemmawildgroei is levensgroot, bij Urban Dictionary maar ook bij andere open online woordenboeken. Daarom zegt het dus ook vrij weinig dat selfie er al meer dan 10 jaar instond: er staan ontzettend veel woorden in, waarvan maar een heel klein percentage ook daadwerkelijk nog gebruikt wordt.

Een tegenovergesteld woordenboek wat register betreft is de Oxford English Dictionary: een superformeel en hoogstaand historisch woordenboek dat al 150 jaar bestaat en sinds 2000 online te raadplegen is. De OED geeft zo'n enorme schat aan informatie dat het absoluut niet meer in gedrukte vorm kan. Dat heeft, net als bij de Urban variant, een nadeel: het is zo ontzettend groot, dat het niet kan worden bijgehouden. Sommige lemmata zijn niet meer bijgewerkt sinds 1885. Dat betekent dat het als opzoekwoordenboek een beperkte functie heeft. Daartenegover staat dat het van onschatbare waarde is om bijvoorbeeld te zien wanneer een woord voor het eerst is gebruikt (hoewel daar ook weer altijd kanttekeningen bij te maken zijn).

HET Nederlandse woordenboek, de wulps voluptueuze Van Dale, heeft ook een online variant. Die loopt, vergeleken met Urban Dictionary en OED, behoorlijk achter. Je kunt relatief vaak iets niet vinden, lemmata zijn niet mooi doorgelinkt, het is allemaal nogal basic. Het Woordenboek der Nederlandse Taal (WNT, een van de woordenboeken in de geïntegreerde database van het Nederlands uit verschillende periodes) is al veel beter en interessanter - vollediger vooral. Dit woordenboek straalt uit dat het door wetenschappers gemaakt is. Het is officieel en heel correct. Voor een (historisch) taalkundige is dit de hemel!

Maar als je geen taalkundige bent, wil je misschien iets simpelers. Dan kom je al snel uit bij sites als bab.la - als je een los woord googlet, staat dat vaak bovenaan. Dit soort open source woordenboeken zijn basaler dan basalt. Neem bijvoorbeeld het woord uitweiden. Er staat überhaupt geen definitie bij, er zijn alleen maar voorbeeldzinnen. Nadeel aan die zinnen is dat die niet per se het woord zelf gebruiken, maar vaak alleen maar trucjes zijn om het woord te vermijden. Dat is wel prettig als je wilt weten hoe je het moet gebruiken, of als je gewoon twijfelde aan de spelling. Gebruiksvriendelijk dus, voor een deel van het publiek in ieder geval. Veel oppervlakkige info in weinig kliks - het fast food van de online woordenboeken.

Wat leren we van dit overzichtje? Mij valt het vooral op dat een woordenboek verschillende functies heeft, voor verschillende groepen gebruikers. Je hebt de snelle typer, die even een dingetje wil checken. Die is blij met bab.la en Urban Dictionary. De degelijke taalkundige is in haar nopjes met de OED, de WNT en in mindere mate de Van Dale, vanwege de volledigheid en correctheid van de informatie. Voor alle typen geldt: meer is niet per se beter, een te groot woordenboek bevat onzin en verouderde lemmata.

Het klassieke, gedrukte woordenboek vervulde ooit alle functies tegelijk. In de online varianten die zich nu in razend tempo ontwikkelen, scheiden de wegen zich, maar verloren gaat er niets. Omnia mutantur, nihil interit!

4 opmerkingen:

  1. Hm, dat het klassieke gedrukte woordenboek ooit alle functies tegelijk vervulde, dat klopt niet. Je hebt altijd vertaalwoordenboeken, pocketwoordenboeken, beeldwoordenboeken, reiswoordenboekjes, etymologische woordenboeken, puzzelwoordenboeken enz. gehad, en die hadden elk hun eigen doel(publiek). Bij mij beslaan ze ongeveer een halve boekenkast ;-). Zo is het ook met online woordenboeken: ze zijn nuttig voor het doel en het publiek waarvoor ze zijn opgesteld. In die zin komen ze niet noodzakelijk in de plaats van het papieren woordenboek, maar staan ze ernaast en vormen ze een uitbreiding. De enige echte valkuil bij de online woordenboeken is volgens mij wel dat je je altijd de vraag moet stellen of en in hoeverre de bijdragen gecontroleerd zijn. Bij de papieren versies kan je daar gewoon vanop aan (tenzij het een lokaal dialectwoordenboek is dat in eigen beheer is uitgegeven, maar zelfs dat heeft vaak toch enige vorm van redactie ondergaan), bij online woordenboeken is dat veel minder duidelijk en weet je dus niet hoe betrouwbaar de info die je vindt ook is. Je moet er dus kritischer mee omgaan, en om zeker te zijn bijna per definitie meerdere bronnen checken (dat kunnen ook andere websites zijn, gewoon om te checken of het woord effectief in gebruik is).
    Had ik overigens al gezegd dat ik nogal gek ben van woordenboeken en lexicografie in het algemeen? ;-)

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Voor het praktisch opzoeken van een betekenis kun je in veel gevallen al volstaan met alleen het woord in te typen in Google. Vaak krijg je al bij de eerste hits antwoord, zonder ook nog door te hoeven klikken. Probeer maar met milf. Veel jongeren doen dat ook op die manier. Zelf heb ik permanent de digitale Van Dale 14 in mijn pc zitten. Heel handig, maar niet actueel. Het beperkte, gratis online woordenboek van Van Dale staat ver van de dikke Van Dale en is geheel onvolledig. Dat heeft ook commerciële bedoelingen, want voor 75 euro per jaar kun je een online en doorlopend geactualiseerd abonnement nemen op de Van Dale. Ik vind dat erg aan de prijs. In 2015 wordt de groene spelling weer opnieuw vastgesteld en ik vraag me af of Van Dale dan nog met een nieuwe papieren editie komt. Ik zal hem niet meer kopen. Het WNT is het grootste woordenboek ter wereld en bevat een schat aan informatie, maar het is allesbehalve geactualiseerd en ik weet niet of het nog verder wordt aangevuld. Een woord als internet zal je niet aantreffen. Tip: Voor het opzoeken van een woord hoef je niet per se naar het WNT zelf te gaan. Type in Google het te zoeken woord met daarachter WNT en voila, gelijk als eerste hit verschijnt het lemma als het erin staat. En dan is er ook nog het Wikiwoordenboek. Dat is nog niet goed gevuld, maar ook dat is een bruikbare, gratis bron voor onderzoek naar woorden en dat alleen maar groter wordt.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Ik ben het geheel met je analyses eens, DirkJan. Wikiwoordenboek is ook een interessante ja, ik ben benieuwd hoe zich dat ontwikkelt.

      Ik zou overigens enigszins oppassen met googelen op milf - je vindt dan niet alleen woordenboeklemmata :)...

      Verwijderen
  3. Ik denk dat een middenvorm tussen gratis online woordenboeken en de papieren versies de toekomst heeft: Het online woordenboek met abonnement, zoals DirkJan hierboven noemt. Het heeft de voordelen van een papieren woordenboek: een goede redactie voor alle lemmata, dus betrouwbaar en relevant; én van een online woordenboek: voortdurende updates, niet de beklemmende ruimtebeperking van papier, waardevolle links.

    BeantwoordenVerwijderen