Translate Milfy!

vrijdag 21 juni 2013

10^Taal voor... Sander Wubben


Taal: wie is er niet mee bezig? Blogs, twitters, tijdschriften, polemieken, ingezonden brieven, boeken. Er zijn heul veul mensen met evenveul meningen. Toch zijn er ook mensen die zich meer met taal bezig houden dan anderen. Daarom vraagt Milfje Meulskens hun mening over taal. Met vandaag Sander Wubben, kersverse doctor (hij promoveerde op 5 juni op zijn proefschrift getiteld “Text-to-Text Generation by Monolingual Machine Translation”) en universitair docent aan Tilburg University. Zijn interesse ligt in de computationele linguistiek.

1. Wat betekent taal voor jou?
Taal is magie. Het rijtje ‘boom roos vis’ waarmee ik heb leren lezen klinkt altijd nog als een soort toverspreuk. Er gaat een wereld voor je open als je leert lezen. Het is eigenlijk best uniek dat een verzameling tekentjes werelden en verhalen in je hoofd kan creëren. En niet alleen dat; taal vormt onze gedachten en dus misschien ook wel wat we doen. Eigenlijk is een wereld zonder taal niet denkbaar.   

2. Wat vind je van spellingsregels?
Ik vind het goed dat er spellingsregels zijn, zodat mensen een duidelijk houvast hebben hoe ze met een taal kunnen omgaan. Ik vind wel dat die regels logisch moeten zijn. Er moet een systeem zijn, anders ben je alleen maar rijtjes met uitzonderingen aan het leren.

3. Erger je je aan het taalgebruik van mensen?
Soms wel. Bij De Wereld Draait Door hadden ze pas zo’n rubriekje waar ze fragmentjes lieten zien van mensen die spreekwoorden ‘verkeerd’ gebruikten. Dat vind ik onzinnig. Heel vaak was het gebruik van die spreekwoorden juist creatief! Waar ik me wel aan erger zijn weblogs of kranten die pretenderen enige nieuwswaarde te hebben maar die dan gewoon belabberd slecht Nederlands schrijven. Dat lijkt dan gewoon luiheid. Laatst had ik een student die de spellingcorrector de schuld gaf van de fouten in de ingeleverde tekst. Dat vond ik toch ook wel bizar!

4. Waarom denk je dat mensen zich ergeren aan taalgebruik?
Ik denk dat er een heleboel redenen zijn. Iedereen heeft natuurlijk een mening over taal. Het werkt vast ook aanstekelijk: als je zelf ergens op gewezen bent, zal het je misschien ook sneller opvallen bij anderen. Het is natuurlijk ook vaak een manier om je zelf superieur te voelen: als jij iemand wijst op een fout, dan lijk jij slimmer dan die persoon.

5. Waarom computers en taal?
De computer heeft een enorm belangrijke plaats ingenomen in onze samenleving. Toch kunnen we nog altijd niet zo soepel communiceren met onze computer als met elkaar. Maar het begint te komen. Daarom is de combinatie computers en taal zo fascinerend. Kijk maar eens naar Google. Het is de afgelopen jaren zo enorm veel makkelijker geworden om informatie te vinden. Wie verlangt er nog terug naar de tijd dat je op de fiets door de regen naar de bibliotheek moest om een obscuur boek te lenen over een onderwerp waar je meer over wilde weten? Ik niet in ieder geval! Ook door automatische vertaaltechnologie zijn de barrieres tussen talen veel kleiner geworden. Als er protesten zijn in bijvoorbeeld Turkije, kun je nu in ieder geval een idee krijgen wat Turkse kranten hierover schrijven door een artikel door bijvoorbeeld Google Translate te halen.

Computers helpen ons communiceren en informatie vinden. Maar de computer zelf is nog dom. Wat zou er gebeuren als de computer taal echt zou begrijpen? Dat vind ik een heel interessante vraag.

6. Wat is je lievelingswoord?
Het is niet mijn lievelingswoord, maar ik heb ooit als grap het belegen woord ‘schandknaap’ geadopteerd met de belofte het gebruik ervan te stimuleren. Dus bij deze!

7. Heb je een taalwens, en zoja, wat is het?
Ik zou graag zien dat programmeren een prominentere plaats krijgt in onderwijs. Het leren van een programmeertaal opent net als het leren lezen een hele nieuwe wereld. Ik denk dat kunnen programmeren in de toekomst best eens zou kunnen worden beschouwd als een basisvaardigheid.

8. Wier of wiens taalgebruik vind jij inspirerend?
(c) Gummbah
Ik heb veel bewondering voor mensen die taal oprekken en er onverwachte dingen meedoen. De cartoonisten Gummbah en Kamagurka zijn daar meesterlijk in. Ze laten je op een heel andere manier naar taal kijken door het absurde van taal te tonen.

9. Welke taal zou je nog wel eens willen leren en waarom?
Ik ben heel benieuwd hoe het Nederlands eruitzien over een paar honderd jaar. Hoe herkenbaar is dat nog? Die taal zou ik wel willen leren.

10. Ken je nog een leuke woordgrap, taalgrap of taalspelletje?
Een van de onderschriften bij een Gummbah cartoon:
De dyslectische bokser las gnast in de ogen van zijn tegenstander

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen